Als je ooit in de Biesbosch bent geweest, weet je dat het meer is dan alleen een verzameling kreken en wilgenbossen. Het is een levend verhaal van hoe de natuur zich herstelt, zelfs na menselijke misstappen. De Biesbosch is zo’n plek waar je natregent en dat niet eens erg vindt. Waar je je telefoon uitdoet omdat er toch geen bereik is. En waar je je realiseert dat rust niet iets is wat je even tussen 15:30 en 16:00 inplant.
Waar bevers je buren zijn
Vanaf Lage Zwaluwe kun je er niet naartoe fietsen of wandelen: de Biesbosch is alleen per boot bereikbaar. En dat maakt het misschien wel extra bijzonder. We hoeven alleen maar de haven uit te varen en de Amer over te steken. Een tochtje van nog geen tien minuten, tenzij iemand zijn zwembroek vergeet. Geen file, geen entreeticket, geen ronkende touringcar. Alleen water, riet en rust.
Het is zó dichtbij dat de bevers soms bij ons in de haven komen buurten. Alsof ze checken waar we blijven. En ja, eerlijk is eerlijk: we zouden vaker op de boot moeten stappen. Maar goed, vandaag op 24 mei, de Dag van het Nationaal Park, is er geen excuus. Tijd om weer eens ergens aan te leggen en een stukje te wandelen.
Mislukte plannen, prachtige natuur
In een mooi stuk in De Correspondent (tip: lezen!) wordt de Biesbosch omschreven als ‘natuur door mislukking’. Hoe heerlijk cynisch én hoopvol tegelijk is dat? Het gebied ontstond na de Sint-Elisabethsvloed van 1421, toen een groot stuk van de Dordtse omgeving permanent onder water kwam te staan. Polders verdwenen, boerderijen verdronken en het enige wat het gebied nog kon worden was moeras.
En zo geschiedde. Waar ooit koeien graasden, scharrelen nu bevers. Waar mensen hun best deden om de natuur naar hun hand te zetten, heeft diezelfde natuur haar middelvinger opgestoken en haar eigen ding gedaan. Dát is veerkracht. Geen strak parkje met bordjes en bankjes, maar rommelig, ritselend, ruig en vol muggen. En dus écht.
De prijs van verwaarlozing
Toch is niet alles ritselend groen en vredig. Want terwijl wij de schoonheid van de Biesbosch vieren, is de realiteit dat onze nationale parken steeds vaker onderaan de prioriteitenlijst bungelen. Het kabinet heeft aangekondigd bijna 24 miljoen euro te bezuinigen op de nationale parken, waaronder de Biesbosch.
In een artikel op BNNVARA’s Vroege Vogels wordt glashelder uitgelegd wat dat betekent: minder beheer, minder toezicht, minder educatie. Oftewel: minder natuur zoals we die nu kennen. En in een tijd waarin biodiversiteit al onder druk staat, is dat op z’n zachtst gezegd een beroerd idee.
Er heerst een hardnekkig idee dat natuur ‘leuk voor erbij’ is. Iets voor in het weekend. Voor mensen met tijd. Maar dat is natuurlijk onzin. Natuur is geen luxeproduct. Het is de basis van onze gezondheid, ons klimaat, onze mentale rust. En in een tijd waarin stress, burn-outs en schermtijd hoogtij vieren, is een stukje echte natuur misschien wel het laatste redmiddel.
De Biesbosch belt niet zelf naar Den Haag
Het is ironisch dat terwijl we de Dag van het Nationaal Park vieren, de toekomst van deze parken onzeker is. De Biesbosch, een symbool van veerkracht en herstel, herinnert ons eraan wat er op het spel staat. Laten we deze dag niet alleen gebruiken om te genieten van de natuur, maar ook om onze stem te laten horen. Onze nationale parken verdienen bescherming, niet bezuinigingen.
Ga naar buiten. Geniet van de natuur. Bezoek de Biesbosch of, als het daar wat druk dreigt te worden (want ja, zelfs bevers hebben af en toe behoefte aan rust), kies een rustiger stukje natuur dichterbij huis. En laat je stem horen. Word lid van Natuurmonumenten. Deel dat prachtige stuk van De Correspondent of begin gewoon eens een gesprek met je buurman over waarom hij denkt dat de natuur wel zonder budget kan.
Doe wat bij je past. Elke vorm van aandacht voor de natuur helpt.



