Katten houden niet van regels. Wij blijkbaar ook niet.
Hoe een chipplicht al drie jaar in een la verstoft.
Ken je dat moment waarop je besluit dat je écht gaat beginnen met opruimen, maar dan eerst nog even koffie zet, je mail checkt, een spelletje speelt en voor je het weet is het alweer etenstijd? Zo ongeveer pakt de Nederlandse overheid kattenwetgeving aan.
In januari 2023 werd aangekondigd dat het chippen van katten verplicht zou worden. In oktober 2024 liet een nieuwe bewindspersoon weten dat het kabinet ernaar streefde om het in 2026 in te voeren. De wet zou ‘voor de zomer van 2025’ worden uitgewerkt en ‘binnen een jaar’ ingaan.
We zitten nu in 2026.
De zomer van 2025 is geweest.
Het jaar is bijna verstreken.
En de wet? Die is ergens tussen een la en een ambtelijke werkgroep verdampt.
Ondertussen raken er elk jaar meer dan 60.000 katten zoek in Nederland. Van de katten die in het asiel belanden, kan slechts 17 procent worden teruggebracht naar het baasje. Bij honden, waarvoor wél een chipplicht geldt, is dat 93 procent.
Die cijfers zijn al jaren hetzelfde. Ze werden in 2023 genoemd om de chipplicht te rechtvaardigen. Ze worden nu in 2026 nog steeds genoemd. Alleen is er niets veranderd. Geen chipplicht. Geen wet. Geen duidelijkheid. Alleen een vaag streven dat ergens tussen voortgangsbrieven en beleidsmist is verdampt.
De verdwijntruc
Iedere kattenbezitter kent dit moment. Je roept. Je schudt met brokjes. Je loopt drie rondjes door de straat. Je buurvrouw zegt dat ze ‘net nog een kat zag, maar ja, die lijken allemaal op elkaar’.
Katten houden niet van afspraken. Ze houden niet van schema’s. En ze houden alleen van jou, als het hen uitkomt. Ze verdwijnen. Zwerven drie dagen rond. En komen terug alsof er niets is gebeurd, met een blik die zegt: wat nou?
Een chip maakt een einde aan dat soort mysterie. Even scannen en hop: baasje gevonden. Geen posters meer met korrelige foto’s en scheef gekrabbelde telefoonnummers. Geen slapeloze nachten meer waarin je je afvraagt of je kat een nieuw leven is begonnen bij mensen met betere snacks.
Het asiel zit vol
Het asiel zit vol. Altijd. Met katten die ooit van iemand waren. Of misschien nog steeds zijn, maar niemand weet van wie. Dat betekent: wachten, hokken, stress. En medewerkers die hun hart in duizend stukjes zien breken.
Een chip is geen hogere wiskunde. Gevonden kat? Scannen. Baasje bellen. Klaar. Geen maanden verblijf. Geen onnodige herplaatsing. Geen kat die zich afvraagt waarom hij ineens een nummer is geworden. Voor het asiel en de vrijwilligers zou het een wereld van verschil maken.
De prijs van niks doen
Het zou ook helpen tegen het zwerfkattenprobleem. Jaarlijks kosten verdwaalde katten zonder identificatie gemeenten bijna vijf miljoen euro. Geld dat naar asielen gaat, naar voer, naar katten waarvan niemand weet van wie ze zijn. Met een chip kun je de eigenaar achterhalen. Of vaststellen dat er geen eigenaar is, en dan gericht ingrijpen.
En misschien het belangrijkste: het zou katteneigenaren een stukje verantwoordelijkheid geven. Je kunt je kat niet zomaar dumpen als het toch meer werk blijkt dan gedacht. Die chip wijst je feilloos aan.
Een huisdier neem je niet ‘even’. Het is geen accessoire. Geen fase. Geen knus winterprojectje. Toch gebeurt het. Katten worden genomen, vergeten en achtergelaten.
Honden zijn al jaren geregistreerd, gereguleerd en opgevoed. Katten kunnen vrij rondlopen en worden nergens vastgelegd. Maar katten zijn ook familie. Huisgenoten. Kleine tirannen met snorharen. En die verdienen bescherming, net als honden.
En de katten zelf?
Die zijn hier natuurlijk tegen. Absoluut. Principieel. Al merken ze er niets van. Ze blijven doen wat ze doen. Slapen. Jagen. Negeren. Oordelen.
Het simpele is dat wij, ondanks al het bestuurlijke getreuzel, gewoon kunnen doen wat logisch is. Onze katten chippen. Niet omdat het móet, maar omdat het klopt. En misschien duikt die wet ooit alsnog op. Stilletjes. Net als de kat die je drie dagen kwijt was.
Wacht niet op Den Haag
Moeten we wachten tot iets verplicht wordt?
Of kunnen we soms ook zelf alvast ons verstand gebruiken?
PS: Ga je dit weekend carnaval vieren in Brabant, maar kom je er niet vandaan? Dan heb ik hier een spoedcursus voor je:



