Verbouwen, vakantie en een vleugje DNA
Over superbaby’s, kluschaos en een detective in de maak.
Na twee maanden radiostilte ben ik er weer. Ik had vakantie, werkte flink door aan mijn nieuwe boek en, alsof dat nog niet genoeg was, belandde ik midden in een verbouwing. Mijn dagen bestaan momenteel uit stofwolken, rondzwervende gereedschapskisten en improvisaties die verdacht veel lijken op een moderne dansvoorstelling. Op TikTok had ik waarschijnlijk al een trending verbouwingsdans te pakken: #RenovationRumba.
Ik dacht altijd dat verbouwen vooral betekende: een beetje uitzoeken welke kleur de muur krijgt, nieuwe meubeltjes shoppen, enthousiast door Pinterest scrollen en een paar keer naar de bouwmarkt rijden. Maar nee hoor, mijn werkelijkheid: elke ochtend een mini-parcours om bij de koffie te komen (die nu tijdelijk naast de kledingkast staat), en een kat die heilig gelooft dat die stapel gipsplaten speciaal voor hem is opgestapeld tot een luxueuze klimmuur.
Van puin naar pipetjes
Tussen het bouwstof door stuitte ik op een artikel dat mijn aandacht greep: in Groot-Brittannië zijn inmiddels acht kinderen geboren met DNA van drie verschillende mensen. Jawel, drie. Alsof een gezinssituatie nog niet ingewikkeld genoeg kan zijn, dacht de wetenschap: laten we er gewoon een bonus-DNA’tje bij gooien.
Het idee is in de kern medisch en nobel: door een derde ouder toe te voegen, kunnen erfelijke ziekten in het DNA van de moeder worden voorkomen. Een soort genetische lifehack, zeg maar. Het kind krijgt nog steeds de herkenbare trekken van zijn ouders, maar achter de schermen is er een klein extra schroefje aangedraaid om de motor soepeler te laten lopen.
En ik moet toegeven, ik vind het fascinerend. Het schuurt precies op dat randje van vooruitgang en sciencefiction. Aan de ene kant is het prachtig dat ziekten voorkomen kunnen worden, aan de andere kant roept het duizend vragen op. Hoe leg je later aan je kind uit dat het drie biologische ouders heeft? Moet er dan een extra stoeltje bij het kerstdiner worden bijgeschoven?
Van helen naar hacken
Toch voel je ook hoe snel het kan doorschieten. Want als we genetische ziekten kunnen uitschakelen… wat houdt ons dan tegen om te gaan sleutelen aan oogkleur, spierkracht of IQ? De stap van een gezond kind naar een “perfect” kind, een soort designerbaby deluxe, lijkt ineens akelig klein. Een baby die meteen vloeiend Chinees spreekt of die na een maand besluit zijn eigen luiers te verschonen, efficiëntie stond blijkbaar óók in het DNA-pakketje.
Het is alsof je een broodrooster koopt dat eigenlijk alleen je brood knapperig moet maken, maar de verkoper er fijntjes bij vertelt dat je er óók pizza’s in kunt bakken, tosti’s kunt grillen en je koffie mee kunt zetten. Voor je het weet heb je een apparaat dat meer belooft dan je ooit wilde en vraag je je af of je brood nog wel gewoon brood is.
Wetenschappelijk gezien is de verleiding groot: wie wil er nu niet de perfecte mix van slim, sterk en gezond? Maar maatschappelijk gezien is het glad ijs. Waar ligt de grens? En wie bepaalt die? Het ene moment red je levens, het volgende moment staat er een nieuwe generatie superbaby’s klaar die allemaal cum laude afstuderen, marathons rennen voor de lol en nooit een verkoudheid hebben. Klinkt handig, maar ook een beetje eng.
Labjassen en lijkzaken
Wat me vooral intrigeert, is hoe snel dit soort ontwikkelingen ineens onderdeel van de realiteit worden. Jaren geleden waren genetische experimenten nog voer voor futuristische filmplots. Maar nu staat het doodleuk in de nieuwsfeed, tussen berichten over een vallende ster en een nieuwe limited edition Magnum-smaak.
Het toeval wil dat juist dit soort verhalen mijn schrijfwerk inkruipen. Weinig mensen weten het nog, maar ik schrijf momenteel aan een detective. Kort samengevat: tijdens een moordonderzoek op een middelbare school in Breda ontdekt rechercheur JP Vermeer dat de school jarenlang betrokken was bij illegale experimenten met DNA-manipulatie en gedragsaanpassing. Klinkt ineens een stuk minder vergezocht, toch?
Dus terwijl ik thuis mijn weg baan door stofwolken en losliggende tegels, besef ik ineens dat de echte experimenten niet bij mij in de woonkamer plaatsvinden, maar in het laboratorium. En dat de realiteit soms minstens zo creatief is als mijn verbeelding.
Wat denk jij: zetten we ongemerkt de deur open naar een generatie superbaby’s?




Prachtige column 👍
Je schrijft zo ongedwongen en vrij, het leest heerlijk. Ik loop als het ware mee door de puinhopen in je huis 😂
Net als je debuut roman. Het heeft me vanaf het begin gegrepen. Ik beleefde het hele verhaal mee. Na afloop wilde ik gelijk naar Utrecht naar de bibliotheek. Zag toen de QRcode en heb de digitale rondleiding gedaan 🤣
Vind het prachtig dat jij dit in je hebt, ben trots op je😘