Morgen mogen we collectief een uurtje slaap inleveren omdat de klok wordt verzet naar de zomertijd. En ja, dat betekent dat we op maandag allemaal nét iets vermoeider op het werk verschijnen, terwijl we doen alsof we ’s ochtends ineens energie krijgen van de zon die we toch niet zien vanuit onze bedompte kantoortjes. Maar goed, voorlopig blijven we dit halfjaarlijkse tijdcircus gewoon opvoeren. De grote vraag is alleen: hoe lang trappen we hier nog in?
Het begon met kaarsen en Franklin
De allereerste die met het idee kwam om ons daglicht slimmer te gebruiken, was Benjamin Franklin. Je weet wel, die man van de vlieger en de bliksem, en het biljet van 100 dollar, voor de kenners. In 1784 schreef hij een luchtig pamfletje waarin hij zei dat mensen in Parijs best wat vroeger uit bed konden komen, zodat ze minder kaarsen hoefden te verbranden.
‘Sta op met de zon en bespaar geld!’ riep hij enthousiast. Nou, dat is wat lastig als je een overtuigd anti-ochtendmens bent en pas functioneert na drie koffies en een croissant.
Pas in 1916, tijdens de Eerste Wereldoorlog, besloten de Duitsers écht de klok te verzetten om kolen te besparen. Nederland volgde snel, want ja, wij willen natuurlijk ook energiebewust én hip zijn. En zo begon onze officiële haat-liefdeverhouding met de klok.
We namen nog wel af en toe een pauze (want ja, ook de klok moet af en toe uitrusten), maar sinds 1977 draaien we in Nederland weer trouw twee keer per jaar aan de wijzers. Een terugkerend ritueel waar niemand echt vrolijk van wordt, maar we doen het toch. Een beetje zoals gourmetten met kerst.
Waarom doen we dit onszelf aan?
De zomertijd werd dus ingevoerd met een nobel doel: energie besparen. Het blijft langer licht, we steken minder lampen aan, we verbruiken minder elektriciteit: allemaal prima. Alleen, onderzoek toont aan dat de energiebesparing minimaal is. 0,3 procent per jaar dus, oftewel een paar kopjes koffie en een oplader.
Daarentegen zorgt het gedraai aan de klok wél voor gezondheidsproblemen. Onze biologische klok is namelijk geen fan van plotselinge veranderingen. Mensen slapen slechter, voelen zich groggy, en sommige studies koppelen het zelfs aan een tijdelijke stijging in hartaanvallen en verkeersongelukken.
Samengevat: weinig winst, veel gezeur.
Een werkgroep, een stemming en veel uitstel.
In 2018 kwam de Europese Commissie ineens met een zeldzaam daadkrachtig plan: laten we die klokverschuiving gewoon afschaffen. Ze hielden een online enquête en maar liefst 84% van de respondenten was vóór afschaffing. Iedereen blij, champagne in de koelkast. Maar toen kwam natuurlijk de onvermijdelijke vraag: welke tijd houden we dan aan?
Permanente zomertijd? Heerlijk lange avonden, barbecueën tot ver na achten, en nog net voor sluitingstijd een ijsje scoren zonder een hoofdlamp. Klinkt aantrekkelijk, alleen jammer dat het in de winter pas tegen 9.30 uur licht wordt. Kinderen fietsen dan door complete duisternis naar school, terwijl zelfs de vogels zich nog eens omdraaien. Niet ideaal dus.
Permanente wintertijd dan? Dat is eigenlijk onze echte tijdzone. Beter voor je bioritme, je humeur én je koffieverslaving. En ook in de zomer valt het reuze mee: in Nederland blijft het dan gewoon tot na tienen licht. Alleen in Zuid-Europa wordt het dan een stuk eerder donker en daar zijn ze niet zo van vroeg beginnen. Tapas eet je tenslotte bij zonsondergang, niet bij het achtuurjournaal.
Uit onderzoek blijkt dan ook: voor Noord-Europa is wintertijd gezonder en logischer, voor Zuid-Europa is zomertijd aantrekkelijker. En wat gebeurt er als iedereen iets anders wil? Juist ja: dan besluiten we collectief… om het niet te besluiten. Typisch Europees.
Twee keer per jaar chaos, omdat het kan.
Voorlopig blijven we dus lekker twee keer per jaar prutsen met horloges, ovenklokken en dat ene digitale wekkertje waarvan niemand de handleiding nog heeft.
De meesten van ons vergeten het überhaupt, tot zondag de kat een ooglid optilt, zich langzaam weer omdraait en denkt: “Over een uur ben je de eerste.”
Misschien is het ook gewoon een soort modern ritueel geworden. Een seizoensovergang zoals de herfstbladeren of de eerste haring. Alleen dan met wallen onder onze ogen en discussies op sociale media.
Ben jij team zomertijd of team wintertijd? Of zeg je gewoon: schaf het allemaal af, ik wil rust in m’n ritme, en de zon doet maar wat ’ie wil? Eén ding is zeker: hoe je het ook wendt of keert, de klok tikt. En wij klagen. Heerlijk toch?




Spanje stopt er ermee volgend jaar las ik ergens,maar is nog niet officieel bevestigd...
Mijn 24 jaar oude zoon zegt: "Boeien, je er zorgen om maken, is al helemaal ongezond!" Toch zeg ik, geef mij maar wintertijd😇